Louise Lateau (BE)
|
Louise Lateau werd op 30 januari 1850 geboren in een arme boerenfamilie in het Belgische dorp Bois d'Haine. Zij stond als meisje bekend als vriendelijk, ijverig en vroom. Op 16-jarige leeftijd leed ze aan een chronische keelziekte. Men geloofde dat ze stervende was, maar ze herstelde plotseling tijdens een noveen ter ere van Maria. Drie weken hierna gaf ze opeens bloed op, maar ook hiervan genas ze op wonderbaarlijke wijze. Deze combinatie van ziekte en 'bovennatuurlijke'genezing herhaalde zich meermalen. In 1868 namen haar extases een aanvang, waarbij het meisje verschijningen kreeg.. Op vrijdag 24 april 1868 merkte Louise dat zij bloedde aan de linkerzijde van haar borst. De vrijdag daarop bloedde ze opnieuw op deze plek en ook aan haar voeten. Zij vertelde dit aan haar biechtvader, die haar adviseerde te wachten en het gebeuren verder geheim te houden. Een vrijdag later, dat wil zeggen op 8 mei 1868 begonnen ook haar handen te bloeden. Men droeg haar op een arts te raadplegen. Vanaf dat moment herhaalde het fenomeen zich elke vrijdag. Tenslotte stroomde er ook bloed uit haar voorhoofd. In 1873 kwamen daar ook nog de zogeheten 'schouderwonden' van het kruis bij, die Jezus tijdens de kruisweg moet hebben opgelopen.
Al deze artsen en nog vele anderen maakten samen een grondige studie van Louise Lateau. Zo voerden zij ook beslissende experimenten uit die bewezen dat de wonden echt waren, maar niet het gevolg van zelfverwonding. Eén daarvan werd ondernomen door Lefebvre en zijn collega's Lécrinier en Séverin. Naast één van haar bloedende stigmata deden de artsen ammoniak op de huid van Louise om een kunstmatige controlestigma te veroorzaken. Na twaalf minuten vormde er zich een ronde blaar, gevuld met een
doorschijnende vloeistof die echter niet uit zichzelf opensprong. Daarom
liet men dat kunstmatig gebeuren. Toen men de kunstmatige
ammoniak-stigma nu vergeleek met de spontane, bleek dat uit de eerste
niet één druppel bloed vloeide, terwijl de laatste voortdurend bleef
bloeden. Men observeerde het gebeuren gedurende tweeëneenhalf uur. Het
eerste half uur vloeide er dus een kleurloze vloeistof uit de
kunststigma en daarna droogde hij reeds op. Bij een ander experiment
kreeg Louise leren handschoenen aan die vast werden gebonden en
verzegeld om haar polsen. Een soortgelijk omhulsel maakte men aan één
van haar voeten vast. Hoewel het dus uitgesloten was dat Louise zichzelf
zou kunnen verwonden, ontwikkelden de wondtekenen zich in het bijzijn
van acht getuigen zoals gewoonlijk. De uiteindelijke conclusie was duidelijk en werd door de kerkelijke
autoristeit overnomen en het bovennatuurlijk en authentiek verklaard |