In Pellevoisin is het Estelle
Faguette, zij is 33 jaar en ten dode opgeschreven. Tuberculose in beide longen en in het
beenderengestel, de rechterarm heeft een grote wond en is zelfs verlamd. Bovendien heeft
zij een chronische buikvliesontsteking. Zij kan zich echter niet neerleggen bij het feit,
te moeten sterven, opdat zij haar ouders en een nichtje dan onverzorgd achterlaat. Estelle
ontvangt het Heilig Oliesel en wordt kalmer. Na de Heilige Communie kan zij zeggen:
"Mijn God, U weet beter dan ik wat goed voor mij is, doe wat U behaagt; alleen geef,
dat ik mijn offer edelmoedig breng". Na enkele dagen kan Estelle zelfs niet meer
bidden: "mijn offer was gebracht, ik vroeg niets meer".
Dan volgen 15 verschijningen, de eerste 5 betreffen haar genezing, 3 haar Heiliging en
7 betreffen een boodschap.
In de nacht van maandag op dinsdag, 14 op 15 februari verscheen plotseling aan het
voeteneind van mijn bed de duivel, hij was verschrikkelijk en ik was bang. Maar nauwelijks
was hij daar, of de Heilige Maagd verscheen aan de andere kant. De duivel die de Heilige
Maagd bemerkte, deinsde terug, terwijl hij hevig aan het ijzer van mijn bed en aan het
gordijn schudde. De Heilige Maagd zei hem: "wat doe jij daar? Zie je niet dat zij
mijn teken en dat van mijn Zoon draagt?" Hij verdween met rare bewegingen. De Heilige
Maagd zei op zachte toon tegen mij: "vrees niets, je weet best dat je mijn dochter
bent". Dan herinnerde ik mij, dat ik op 14-jarige leeftijd in Parijs, de kapel Rue
Clerc, het kindschap van Maria had ontvangen en ik was minder angstig. Dan zei zij:
"moed en geduld, mijn Zoon gaat zich over je ontfermen. Je zult nog vijf dagen lijden
ter ere van de vijf wonden van mijn Zoon. Zaterdag zul je òf dood, òf levend zijn. Als
mijn Zoon je het leven laat, wil Ik dat je mijn glorie verkondigt". Direct zei ik:
"maar hoe moet ik dat doen? Ik ben niet veel bijzonders, ik zou niet weten wat ik zou
kunnen doen". Gelijk zag ik tussen haar en mezelf in een grote marmeren tegel, waarin
ik een ex-voto herkende. En ik zei: "maar mijn lieve Moeder, waar zal ik deze laten
plaatsen, in de O.L.V. des Victoires te Parijs of in Pellevoisin"
"In de O.L.V. des Victoires zijn genoeg tekenen van Mijn macht, terwijl er in
Pellevoisin geen zijn. Men heeft een stimulans nodig". Ik beefde en toch was ik
gelukkig. Ik beloofde haar van mijn kant alles te doen, om haar glorie bekend te maken,
dan zei zij nog: "moed, maar Ik wil dat je je belofte houdt". Daarna verdween
alles.
De nacht van 15 op 16 februari, Ik
zag de duivel weer, tegelijkertijd verscheen de Heilige Maagd, Zij zei: "wees toch
niet bang, Ik ben er. Deze keer heeft mijn Zoon Zich laten vertederen, Hij zal je het
leven laten; zaterdag zul je genezen zijn". Toen zei ik: "maar mijn lieve
Moeder, als ik zou mogen kiezen, zou ik nu liever sterven, omdat ik goed ben
voorbereid". Zij antwoordde glimlachend: "ondankbare, als Mijn Zoon je het leven
geeft, is dat omdat je het nodig hebt. Wat kan Hij de mens op aarde voor kostbaarders
geven dan het leven? Denk maar niet dat je gevrijwaard zult blijven van lijden, nee, je
zult lijden en niet van moeilijkheden gevrijwaard blijven. Dit is het, wat de verdiensten
van het leven uitmaakt. Je hebt het Hart van mijn Zoon getroffen door je grote
zelfverloochening en je geduld. Verlies er de vrucht niet van door je keuze. Heb ik je
niet gezegd, als Hij je het leven laat, zul je mijn glorie verkondigen?" Gelijk zag
ik de marmeren tegel, met veel wit zijde papier erom, ik probeerde er wat van op te
lichten, onmogelijk. De Heilige Maagd glimlachte en zei dan: "nu zullen wij het
verleden bekijken". Haar gezicht werd een beetje triest, maar behield de zachte
uitdrukking. Ik ben nog totaal ontsteld over de fouten die ik bedreven had en die in mijn
ogen lichte fouten waren. Ik bewaar de stilte over hetgeen Zij zei en beken alleen, dat
Zij mij ernstige verwijten maakte, die ik absoluut verdiend had. Ik had wel om vergeving
willen schreeuwen, maar ik kon niet, mijn smart was te groot. Ik was verslagen. De Heilige
Maagd bekeek mij met goedheid, dan verdween Zij zonder iets te zeggen.
Nacht van 16 op 17 februari, ik zag
weer de duivel, maar hij was zeer ver weg. De Heilige Maagd zei: "kom aan, moed Mijn
kind". De verwijten van de vorige keer kwamen in mij op en ik vreesde en beefde. Zij
zei: "dat alles is voorbij; je hebt door je zelfverloochening die fouten goed
gemaakt". Zij liet mij enkele goede daden zien die ik verricht had, maar die in
vergelijking met de fouten niets waren. De Heilige Maagd zag mijn verdriet, want zij zei:
"Ik ben een en al barmhartigheid en meesteres van mijn Zoon. De goede werken en
de gebeden, die je tot Mij hebt gericht, hebben mijn Moederhart getroffen o.a. dat
briefje, dat je Mij geschreven hebt in september. Wat Mij het meest getroffen heeft, is
deze zin: Zie toch de ellende van mijn ouders, als ik er niet meer zou zijn, zij zijn op
het punt voor hun brood te moeten gaan bedelen. Herinner u toch, wat U hebt geleden toen
Jezus Uw Zoon op het Kruis werd uitgestrekt. Ik heb deze brief aan mijn Zoon laten zien.
Je ouders hebben je nodig; voor de toekomst is dit een taak om trouw aan te zijn. Verlies
de genadegaven niet, die je gegeven zijn en maak mijn glorie bekend".
Nacht van 17 op 18 februari, deze
verliep gelijk als de vorige. Al haar zinnen werden mij snel in herinnering gebracht, tot
slot: "je zult mijn glorie bekend maken". Nacht van18 op 19 februari, dit keer
kwam de Heilige Maagd dichterbij. Zij herinnerde mij aan mijn belofte. Ik zag de tegel,
met op iedere hoek een gouden rozenknop, boven in het midden een gouden hart, met een
zwaard doorboord en een kroon van rozen. En dit stond erop:
"Ik heb Maria aangeroepen toen mijn ellende ten toppunt was gestegen. Zij heeft voor
mij bij Haar Zoon, mijn totale genezing verkregen"
Zij zei mij: "als je mij wilt dienen, wees dan eenvoudig en laat je daden aan je
woorden beantwoorden". Ik vroeg of ik van positie moest veranderen. Zij antwoordde:
"onder alle omstandigheden kan men zich het heil verwerven, waar je ook bent, kun je
veel goed doen en kun je mijn glorie verkondigen". Dan zei zij treurig: "wat mij
het meest bedroefd is, dat men geen respect heeft voor mijn Zoon in de Heilige Communie en
de houding van gebed die men aanneemt, terwijl de geest met andere dingen bezig is. Ik zeg
dit voor degenen die doen alsof zij vroom zijn". Dan vroeg ik, of ik direct moest
beginnen. "ja, maar eerst moet je de mening van je geestelijk leidsman afwachten. Je
zult hinderlagen tegenkomen, men zal je treiteren, bespotten,voor gek verklaren etc.
Schenk er geen aandacht aan, wees mij trouw en ik zal je helpen". Hierna verwijderde
zij zich heel zacht.
Toen begon een verschrikkelijk lijden. Mijn hart bonsde alsof het uit mijn lichaam zou
springen. Mijn maag en buik veroorzaakte hevige pijnen. Ik herinner mij goed, dat ik mijn
Rozenkrans in de linkerhand hield. Ik offerde mijn lijden aan God op. Na een ogenblik
rust, voelde ik mij goed. Ik vroeg hoe laat het was en het was half een. Ik voelde mij
genezen, alleen mijn rechterarm kon ik nog steeds niet gebruiken. Tegen halfzeven kwam de
Pastoor en zat ik al op de rand van mijn bed. "Maak je niet ongerust, ik ga de
Heilige Mis doen, daarna breng ik je de Communie en als je daarna met je rechterhand het
kruisteken kunt maken, zal ik je geloven".
Het tweede deel van de verschijningen begint op zaterdag 1 juli. Het was avond, kwart over
tien, ik was geknield voor mijn avondgebed, toen ik plotseling de Heilige Maagd zag,
geheel omgeven van licht. Zij was in het wit, zij keek naar iets, kruiste de handen over
haar borst, glimlachte en zei: "kalmte mijn kind, geduld, je zult moeite hebben, maar
Ik ben er". ik was erg gelukkig, maar kon niets zeggen. Zij bleef nog even en zei:
"moed, ik zal terugkomen". Dan verdween zij zoals in februari.
Zondag 2 juli, ik ging half elf naar
bed; het had mij moeite gekost, omdat ik de vorige avond de Heilige Maagd had gezien. Toch
sliep ik direct. Om half 12 werd ik wakker, toen ik zag dat het pas zo laat was, kreeg ik
hoop dat ik de Heilige Maagd zou zien voor middernacht. Ik knielde neer en had de helft
van het Weesgegroet gebeden, de Heilige Maagd stond voor mij. Stralen vielen uit haar
handen, dan kruiste zij de handen over de borst. "Je hebt al mijn glorie
verkondigd". (toen vertrouwde Zij mij een geheim toe) "Ga door. Mijn Zoon heeft
ook enkele zielen vaster aan zich gehecht. Zijn Hart heeft zoveel liefde voor het mijne,
dat hij mijn verlangens niet kan weigeren. Voor mij zal hij de meest versteende harten
treffen". Terwijl zij dit zei, was zij zó prachtig! Ik wilde haar een teken van haar
macht vragen, maar wist niet hoe, toch zei ik: "mijn goede Moeder, voor Uw glorie,
alstublieft". Zij begreep het en zei: "is je genezing niet een van de grootste
bewijzen van mijn macht? Ik ben vooral gekomen voor de bekering van de zondaars".
Terwijl zij nog sprak, dacht ik aan verschillende manieren, waarop de Heilige Maagd haar
macht kon doen stralen. Zij antwoordde: "later zal men dit zien". Daarna ging
Zij heel zacht weg.
Maandag 3 juli heb ik de Heilige Maagd weer gezien. Zij bleef maar enkele minuten en
maakte mij een zacht verwijt: "Ik wil, dat je nog kalmer zal zijn. Ik heb je geen uur
gezegd waarop Ik terug zou komen, noch dag. Je hebt rust nodig". Ik wilde haar mijn
verlangen laten blijken, maar zij zei glimlachend: "Ik ben gekomen, om het feest te
beëindigen". Daarna ging zij heen zoals altijd. Het was nog geen middernacht.
Het derde deel van de verschijningen begint op zaterdag 9 september. Ik was in de kamer
van mijn genezing, beëindigde mijn Rozenhoedje, toen de Heilige Maagd verscheen. Zij was
zoals op 1 juli. Zij keek eerst rond, dan sprak Zij: "je hebt jezelf van mijn bezoek
van 15 augustus beroofd; je was weer niet kalm. Je hebt echt het Franse karakter.
Op 10 september kwam de Heilige
Maagd bijna op hetzelfde uur, Zij zei alleen: "DAT MEN TOCH
BIDT" "Ik geef hun het voorbeeld". Daarbij vouwde zij de handen en
verdween.
Op 15 september, was ik in de kamer van mijn genezing en bad. Het is heerlijk om daar te
zijn, toch ben ik er zelden. Het was bijna kwart voor drie, toen de Heilige Maagd
verscheen, zoals gewoonlijk met gestrekte armen en de stralen vielen uit haar handen. Zij
zei: "ik zal rekening houden met de inspanning die je gedaan hebt, om kalm te zijn.
Ik vraag dit niet alleen van jou, maar ook van de Kerk en van Frankrijk. In de Kerk is
niet de kalmte die Ik verlang". Zij zuchtte en schudde het hoofd. "Er is
iets". Ik begreep, dat Zij hiermee op onenigheid doelde. Zij vervolgde langzaam:
"dat zij toch bidden en vertrouwen in Mij hebben". Vervolgens zei Zij heel
droevig: "En Frankrijk! Wat heb ik al niet voor haar gedaan! Wat een waarschuwingen
en toch, zij weigert te luisteren!
Dan zei Zij ontroerd: "Frankrijk zal lijden". Dit zei zij met nadruk. Zij
vervolgde: "moed en vertrouwen". Ik dacht bij mezelf, men zal mij niet geloven
als ik dit zeg. Zij zei: "Ik heb dit vooruit gezegd; jammer voor hen die niet
geloven, zij zullen later de waarheid van mijn woorden erkennen". Zij verdween
langzaam.
Het is 1 november en vandaag heb ik de Heilige Maagd teruggezien. Zoals gewoonlijk keek
zij bij het komen, weer strak naar iets, dat ik niet kan zien. Zij heeft mij alleen vol
goedheid aangezien en vertrok.
Zondag 5 november, toen ik het Rozenhoedje beëindigd had, zag ik de Heilige Maagd. Ik
bedacht, hoe onwaardig ik haar genaden ben en dat anderen haar voorrechten meer verdienen
en haar glorie beter zouden verkondigen. Zij bekeek mij glimlachend en zei: "Ik heb
jou uitgekozen". Wat was ik gelukkig! Zij zei: "Ik kies de kleinen en de
zwakkeren uit voor mijn glorie. Heb moed, de tijd van je beproevingen gaat beginnen".
Zij kruiste haar handen over haar borst en vertrok.
Zaterdag 11 november, gedurende enkele dagen voel ik mij gedwongen, om naar mijn kamer te
gaan en daar te bidden. Vandaag om tien voor vier bad ik er mijn Rozenhoedje en het
"Herinner U o Allerheiligste Maagd", toen zij kwam. Zij stond daar zoals altijd,
met het scapulier. Dan zei zij mij: "je hebt je tijd niet verspild vandaag, je hebt
voor mij gewerkt". Ik had een scapulier gemaakt. "Je moet er nog veel meer
maken". Hierna wachtte zij erg lang en haar uitdrukking werd droevig, dan zei zij
mij:"moed". Zij kruiste de handen over de borst, waardoor zij het scapulier
totaal verborg en vertrok.
Vrijdag 8 december. Ik ben al enkele uren terug uit Pellevoisin en nog steeds niet
bijgekomen van mijn emotie. Ik zal de Heilige Maagd hier op Aarde niet meer zien. Niemand
zal kunnen begrijpen, wat ik doormaak.
Na de Hoogmis verscheen zij, prachtiger dan ooit! Na de gebruikelijke stilte zei zij:
"Mijn dochter, herinner je mijn woorden". Alles wat zij mij gezegd had
herleefde, heel speciaal: "Ik ben een en al barmhartigheid en Meesteres van mijn
Zoon. Zijn Hart heeft zoveel liefde voor het Mijne. . . dat Hij voor mij de meest
versteende harten zal treffen. Ik ben vooral gekomen voor de bekering van de zondaars.
Ik voelde dat de Heilige Maagd mij ging verlaten en ik had verdriet. Zij verhief Zich
langzaam, keek mij voortdurend aan en zei mij: "moed, als hij je verlangens niet kan
inwilligen en je moeilijkheden veroorzaakt, ga je hogerop. Vrees niets, Ik zal je
helpen". Zij maakte een halve ronde door mijn kamer en verdween daar, waar ongeveer
mijn bed was.