
L'Ile
Bouchard: 8 - 14 December 1947
L’Ile Bouchard
is een kleine stad in het noordwesten van Frankrijk aan de rivier
Vienne. Het ligt ongeveer 35 km ten zuiden van Tours en 16 km ten oosten
van Chinon.
Tussen 8 en 14 december
1947, 8 maanden na de verschijningen in Tre Fontane, verscheen
OLV in de parochiekerk van St Gilles.
De eerste verschijning vond
plaats op de feestdag van de onbevlekte ontvangenis. Het was tegen een uur
in de middag toen 3 kinderen, onderweg van huis naar school , langs de
kerk kwamen. Ze stopten en gingen de kerk binnen om te bidden.
De drie meisjes (Jacqueline Aubry 12, haar zus Jeanette 7, en haar
nichtje Nicole Robin 10)
liepen naar het Maria altaar en begonnen met het bidden van de Rozenkrans.
Ze waren nog niet halverwege het gebed toen
Jaqueline plotseling een mooie dame voor haar zag. De dame gekleed
in het wit had haar handen als was ze in gebed. Ze droeg een rozenkrans
over haar rechter arm. Links van de dame was een engel die, een Lelie
vasthield, en zijn ogen gericht hield op de
dame. Nicole en jeanette keken ook op en zagen eveneens de dame
voor hen. Terwijl de dame naar hen geglimlachte, fluisterde Jaqueline
tegen haar metgezellen dat ze dit aan anderen moesten vertellen. Ze renden
naar buiten en kwamen een schoolvriendin, Laura Croizon,
en haar zuster, Sergine, tegen. Samen gingen ze terug de kerk in.
Met z’n vijfen liepen ze naar het altaar. Laura riep dat ze een
mooie dame zag en een engel. Sergine zag echter niets. De anderen
beschreven de situatie voor haar. Het
altaar van de Heilige Maagd had een gebrandschilderd raam. De
brandschildering bestond uit OLV
van Lourdes aan de linkerkant met
een beeltenis van OLV des Victoires direct daarboven. De dame bevond zich
los van de grond tussen het altaar en het raam. De kinderen beschreven de
verschijning zijnde een mooie dame omgeven door een gouden licht, gekleed
in smetteloos wit
kleed afgewerkt met een gouden rand en een blauwe sjerp. Ze droeg
een witte rozenkrans. Haar
sluier was wit maar van een andere tint dan haar kleed. De sluier kwam tot
aan de grond. Ze had lang blond haar dat over haar kleed hing en tot haar
knieën reikte. Ze had een wonderschone glimlach. De kinderen schatten
haar leeftijd op 16 a 17 jaar oud.
De engel, omgeven door een
intens licht, knielde op zijn rechter knie en
was in diepe overpeinzing. Hij droeg een wit met roze toga
afgewerkt met goud. Evenals de dame had hij blond haar en hemelsblauwe
ogen. In zijn rechterhand hield hij een lelie. Zijn linkerhand hield hij
ten hoogte van zijn hart. Hij had witte vleugels. De twee stonden als ware
het in een rotsachtige grot. De dame stond op
een blok van steen versierd
met een krans van vijf roze rozen. Aan de onderkant van de rots stonden de
volgende woorden:
O Marie conçue sans péché,
priez pour nous qui avons
recours à vous.
Oh
Maria Onbevlekt Ontvangen, bidt voor ons,
die toevlucht tot U nemen.
Deze
aanroeping is beroemd geworden in Rue du Bac.
Na
dat de meisjes dit alles aan
Sergine verteld hadden verdween de dame. De meisjes verlieten de kerk.
Jaqueline en Jeanette
haastten zich naar huis om hun moeder op de hoogte te brengen van hun
ervaring. Deze geloofde hen niet.
Terug
op school verspreidde het nieuws zich als een lopend vuurtje. Jaqueline
vertelde haar ervaring aan een van de zusters, Sr Marie de L’Enfant Jeus,
en vroeg aan haar of de mooie dame misschien de Heilige Maagd was.
De
zuster geloofde het verhaal van Jaqueline maar was bang voor negatieve
reacties.
De
pastoor tevens hoofd van de school, Fr Clovis Ségelle, en zuster Saint-Léon
de la Croix waren niet onder de indruk van het verhaal. Hij deed het
verhaal af als ware het dat Jaqueline dubbel had gezien door haar bril.
Jaqueline was inderdaad slechtziend en droeg een bril met dikke glazen.
Ook leed ze aan chronische conjunctivitis waardoor ze voortdurend haar
ogen moest drogen.
Jaqueline verklaarde dat ze
niet de enige was die de dame had gezien. De pastoor en zuster Léon
besloten hierop de meisjes appart te ondervragen. Elk van de meisjes
vertelde hetzelfde verhaal. Toen de school begon had Jaqueline nog een
gesprek met het hoofd van de school die haar de indruk gaf dat ze in de
kerk had moeten blijven. Als ze vond dat de dame echt zo mooi was.
Jaqueline nam dit idee letterlijk en liet er geen gras over groeien. Ze
zocht de andere meisjes op en ging terug naar de kerk en het altaar
van de Heilige Maagd. Ze waren zeer verheugd dat ze gewenkt werden
door de glimlachende dame.
Toen ze voor haar knielden
werd haar gelaatsuitdrukking overstemd door extreme droefenis.
De dame sprak haar eerste woorden.
“Zeg
aan de kinderen dat ze bidden voor Frankrijk, want hun nood is groot”.
Jaqueline,
nog steeds twijfelend over wie de dame nu eigenlijk was fluisterde tegen
Jeanette en Laura dat ze moesten vragen wie ze was. Of ze
hun “Maman du Ciel” (Hemelse Moeder) was. Ze vroegen aan de
dame of ze de Hemelse Moeder was. Deze
antwoordde:
“Natuurlijk!,
Ik ben jullie Hemelse Moeder.”
Ze vroegen wie de engel was.
De dame keek naar hem en hij richtte zich tot de meisjes.
“Ik
ben de engel Gabriel”.
OLV richtte zich weer tot de
meisjes en vroeg of ze hun handen mocht kussen.. Ze boog zich voorover en
reikte naar de handen van Nicole en Jaqueline. De andere twee meisjes
waren te klein en dus tilde Jaqueline hen een voor een op. Het scheen dat
de meisjes haast gewichtloos waren zo eenvoudig ging het. Alle vier
ervoeren ze de soliditeit en warmte van Maria’s hand en de aanraking van
Haar lippen. Voordat ze verdween vroeg OLV de kinderen die avond om 5 uur
terug te komen en de volgende dag om 9 uur. OLV verdween in een wolk van
zilver stof. Bij het verlaten van de kerk merkten de kinderen op dat ze
een wit schijnende ovaal op hun vingers hadden. Toen ze terugkwamen op
school was het verdwenen. Ze hadden nog wel de mogelijkheid om de tekens
aan een dorpsgenoot te laten zien.
Jaqueline
en Nicole vertelden over de gebeurtenissen in de kerk. Na afloop
van de les werden ze van elkaar gescheiden en kregen ze opdracht om hun
ervaring op papier te zetten.
Beide verhalen kwamen overeen met elkaar.
Toen de meisje thuis kwamen, waren hun ouder nog steeds niet genegen om de kinderen te
geloven. Alleen Jaqueline was in staat om terug te keren naar de kerk,
voor de rozenkrans en de
zegening van het Heilige Sacrament ter ere van het feest van de Onbevlekte
Ontvangenis.
OLV verscheen en wenkte haar
om te komen. Jaqueline twijfelde of ze naar voren zou gaan of niet. Ze
keek achterom naar zuster Léon voor toestemming, er van uitgaande dat
deze de verschijning ook zag. De bel voor de zegening klonk, en Jaqueline
keek terug. De verschijning was reeds verdwenen. Toen het Heilige
Sacrament terug gebracht was naar de tabernakel, kwam OLV terug.
De volgende dag om 9 uur
waren alle vier de meisjes aanwezig in de kerk. Het algemene patroon voor
de wekelijkse gebeurtenissen was gezet. Ze knielden bij het altaar en
begonnen weesgegroetjes te bidden.
Plotseling kwam een
stralende gouden bal uit de muur en ontvouwde zich als een gordijn van
zilver licht waarop de grot in reliëf stond. Het gouden haar van OLV was
nu verborgen onder de sluier. De engel knielde aan de andere kant.
De woorden op de steen waren
veranderd. Nu was er te lezen:
Je
suis L’Immaculee Conception.
Ik ben de
Onbevlekte Ontvangenis.
Een van de woorden tijdens
de verschijning van OLV te Lourdes.
Ook konden ze delen van een
woord lezen geschreven in gouden letter op de borst van OLV.
Ze ontwaarden het volgende
“Ma…..cat, maar ze begrepen niet wat ermee bedoeld werd. Later werd
onthuld dat het hier om het woord “Magnificat”. Dit is de
oorspronkelijke naam voor de lofzang gedurende
het bezoek van Maria aan Elizabeth (Lukas1:46-55)
kort na Maria’s boodschap.
De meisjes kregen gezelschap
van een zekere Madame Trinson, die een schoenenzaak had.
OLV keek met een sombere blik en leit de meisjes het gouden kruis
van haar rozenkrans zien. Ze vroeg de meisjes het te kussen.
Jaqueline en Nicole stonden
op en kusten het kruis. Madame Trinson was verbaasd toen ze zag met welke
eenvoud ze de twee andere kinderen optilde.
OLV maakte een prachtige
doch langzaam kruisteken. Dit duurde wel twee minuten. De kinderen deden
haar na.
Madame Trinson was
verbijsterd en keek vol ongeloof naar de kinderen. OLV vertelde dat ze de
kinderen een geheim mee zou geven. Dit geheim mochten ze na drie dagen
openbaar maken. Ze vroeg met nadruk:
“Bidt
voor Frankrijk, dat deze dagen in gevaar is”.
Frankrijk verkeerde in een
crisis en een communistische staatsgreep was op handen. Er waren stakingen
en oproer. Vele doden vielen als gevolg van de opstand en de reacties
hierop. In de nacht van 8 op 9 december werd door Benoit Crachon de crisis
op onverklaarbare wijze bezworen en de rust keerde weer.
Toen vroeg ze
de kinderen om terug te komen om 2 uur. Ze vroeg de kinderen de
priester en zoveel mogelijk mensen mee te nemen opdat ze samen
konden bidden. Ook vroeg ze de kinderen om een grot met daarin het beeld
van OLV en de engel, te realiseren. Ze beloofde de kinderen de zegen zodra
dit was gerealiseerd. Hierna verdween OLV.
Fr Segelle weigerde om mee
te gaan naar de kerk. Jaqueline, Laura , 20 andere kinderen en 30
volwassenen verzamelden zich in de kerk. Nadat ze 10 weesgegroetjes hadden
gebeden, verscheen OLV tezamen met de engel. OLV vroeg om lofzang en
gebeden en vroeg hen terug te keren iedere dag om 9 uur.
Om 5.30 uur die dag
informeerde Fr Segelle de bisschop over de dagelijkse gebeurtenissen.
Diezelfde dag besloten de communisten een algemene staking uit te roepen.
Op de derde dag, woensdag 10
december, waren er 150 mensen aanwezig in de kerk. Ze waren in afwachting
van de verschijning van OLV. Ze
verscheen en vroeg de meisjes om haar hand te kussen. De aanwezigen waren
verbijsterd over de wijze waarop Jaqueline wederom de andere twee meisjes
optilde. Ook vroeg OLV om een gezongen versie van “het weesgegroet”.
De moeder van Jaqueline riep
haar dochter toe te vragen om een wonder, zodat ze allen konden geloven
dat dit het werk was van OLV. Maria
reageerde:
“Ik ben
hier niet gekomen om wonderen te vertonen maar om jullie te vragen om voor
Frankrijk te bidden. Hoewel, morgen zal je helder zien en geen bril meer
nodig hebben”.
Maria
vertelde de meisjes dat ze een geheim voor hen had. Ze moesten plechtig
beloven dat ze dit niet openbaar zouden maken. Nadat Ze het geheim had
verteld, vroeg ze de kinderen om de volgende dag , dezelfde tijd, terug te
komen. De verschijning duurde ongeveer een kwartier. Ondanks de diverse
pogingen waren de meisjes niet over te halen om het geheim te onthullen
aan derden
De
aanwezigen vroegen naar het antwoord op de vraag om een wonder. De meisjes
vertelden dat OLV beloofd had dat Jaqueline de volgende dag haar bril niet
meer nodig zou hebben om helder te kunnen zien..
Om
5 uur ondervroeg Fr. Segelle Jaqueline en vertelde dat het onmogelijk was
dat haar ogen in een bijzonder slechte conditie waren en dat haar zicht in
een nacht onmogelijk kon verbeteren.
Jaqueline’s
ouders bevonden zich in een bijzonder moeilijke situatie. Ze waren wel
Katholiek maar niet praktiserend. Haar vader voelde zich in verlegenheid
gebracht en was hier over erg boos. Maar de doorzichtlelijke oprechtheid
van zijn oudste dochter had hem diep geraakt. Ze konden alleen afwachten
wat de morgen brengen zou.
Toen
Jaqueline de volgende morgen ontwaakte opende ze haar ogen zonder
problemen en had een normaal gezichtsbeeld. Ze riep vol verrukking haar
ouders die overdonderd waren door het feit dat hun dochters ogen zo
wonderbaarlijk waren genezen. Haar vader haastte zich naar Fr Segelle
die Jaqueline direct wilde zien. Toen Jaqueline bij hem kwam zei
hij tegen haar. “Het is dus
waar dat OLV onder ons is
neergedaald!”. Fr
Segelle nam hierna direct contact op met de bisschop, die opdracht gaf om
aanwezig te zijn bij de volgende verschijning.
De
vierde dag, donderdag 11 december, om negen uur was mede dankzij het
bericht van de wonderbaarlijke genezing, de kerk geheel gevuld met mensen.
OLV
verscheen en vroeg om het weesgegroet te zingen. OLV begeleidde de meisjes
gedurende de 10 keer dat ze
het weesgegroet zongen, gedurende het eerste deel van het gebed en de
boodschap van de engel Gabriel.
Jaqueline vroeg aan OLV
,namens vele mensen die aan de kinderen
hadden gevraagd om voorspraak, om genezing. OLV
beloofde dat er vreugde en geluk zou komen over de families.
Nadat OLV verdwenen was
werden de kinderen apart geroepen in de sacristie en ondervraagd.
Op de vijfde dag, 12
december, waren er 300 mensen in de kerk van St Gilles om getuige te zijn
van de komende verschijning van OLV.
OM 9 uur verscheen OLV
aan de meisjes. Het eerste wat opviel was dat OLV nu een kroon droeg .
Deze was opgebouwd uit 12 schijnende stralen elk ongeveer 30cm lang , twee
in het midden waren blauw, aan beide zijden 5 andere bestaande uit de
kleuren rood, geel, roze en bruinrood.
OLV hield haar handen lager
zodat het word Magnificat nu duidelijk was te lezen.
De kinderen meenden dat de kroon de regenboog voorstelde. OLV vroeg
om het weesgegroet. Ook vroeg ze de meisjes of ze baden voor de zondaars.
De meisjes antwoordden bevestigend “Ja Mevrouw”. OLV sprak verder:
“Bid
boven alles voor de zondaars en ongelovigen”.
Jaqueline vroeg wederom om
een wonder maar OLV ,reageerde net als de vorige keer dat ze niet was gekomen
om wonderen te verrichten. OLV
verdween na het bidden van de Rozenkrans.
De meisjes werden wederom in
de sacristie ondervraagd over het gebeuren.
De zesde dag, zaterdag 13
december, waren er
500 mensen in de kerk aanwezig. Om 1 uur verscheen OLV maar deze keer zonder kroon. Ze vroeg de
meisjes bij herhaling om gebed aanroepingen
en gezang. Jaqueline vroeg opnieuw om een wonder. OLV reageerde met een
enkel woord “Later”. Na de gebeden en gezangen vertelde OLV dat ze nog
een mal terug zou keren en wel de volgende dag. De kinderen werden wederom
ondervraagd.
De laatste dag , zondag 14
december , was L’Ile Bouchard overspoeld door Pelgrims. En de kerk was
overvol met 2000 mensen. Buiten de kerk waren nog meer mensen verzameld.
Terwijl men op de meisjes wachtte, werd
de rozenkrans gebeden. Veel mensen hadden in jaren niet meer
gebeden.
OLV vergezeld van de engel
verschenen voor de laatste maal aan de vier meisjes. De verschijning was
de langste en zou een half uur duren.
Wederom vroeg OLV om gebeden, en lofzang. Hierna bracht Jaqueline
boodschappen en vragen over aan OLV. Een vraag kwam van zuster Marie . De
vraag luidde als volgt:
“Vrouwe
wat moeten we doen om de Heer te troosten voor het lijden dat de zondaars hem
aandoen?
OLV antwoordde:
“Bidt
en Breng offers”.
Na
nog meer gebeden en aanroepingen vroeg OLV om het “Magnificat”
te zingen. Fr Segelle ging hier in voor.
Jaqueline besefte dat de
verschijning bijna voorbij was en vroeg aan OLV om het bewijs van haar
aanwezigheid onder de mensen. OLV antwoordde:
“Voor ik
ga, zal ik een straal van zonlicht sturen”.
Met deze woorden begon ze de
menigte te zegenen. Plotseling kwam er,
door een ruit van het zuidwestelijk deel van het koor, een
zonnestraal die de exacte plaats van de verschijning aangaf. De straal na
toe in omvang en bestreek een steeds groter gebied.. Diegene die dichtbij
het altaar waren, werden gedwongen hun ogen af te schermen. Ook voelden de
aanwezigen de hitte van de straal. De meisjes waren met hun rug naar de
straal toe gekeerd . De mensen, in de positie om de meisjes goed te kunnen
waarnemen, zagen hun gezichten en de bloemen die ze vasthielden. Deze
waren verlicht door weerschijn van diverse sprankelende kleuren.
De vorm van de straal
evenals de wijze waarop de straal de kerk binnenkwam was op geen enkele
natuurlijke en wetenschappelijke wijze te verklaren. Zo was het raam
waardoor de straal kwam deels geblokkeerd door een pilaar en kon nooit de
plaats bereiken van het altaar. En
zou worden gedempt. De zonnestraal was
sterk en helder zonder dat ze in kracht afnam.
Nadat het wonder was
afgelopen en de verschijning voorbij gaf Fr Segelle de aanwezige mensen,
de zegen van het Heilige Sacrament. Veel mensen waren vol tranen door deze
ervaring.
De meisjes werden uitvoerig
ondervraagd. De maanden volgend op de verschijningen zouden ze regelmatig
en uitvoerig worden ondervraagd. Hun verhaal was waterdicht en kwam exact
overeen met eerdere verklaringen en de verklaringen van elkaar.
Onderzoek:
De onderzoeken leverden een
beeld van een authentieke verschijning op en niets leek een goedkeuring in
de weg te staan. Toch werden de verschijningen met de mantel van stilte en
geheimhouding omgeven. Dit alles, vergezeld van diverse complotten om de
ziensters en hun ervaringen in een kwaad daglicht te stellen, brachten een
halt toe aan het proces van goedkeuring. Onderzoek dat later door Rene
Laurentin gedaan is, getuigt van een positieve visie op de verschijningen
in L’Ile Bouchard. Ook een uitgebreide studie door de theoloog Fr Vernet
(1992) waren positief over de verschijningen
terug naar boven
|