|
Eucharistisch
gebed 5
(met
vaste prefatie)
Machtige
God, met alle eerbied noemen wij uw Naam, die Gij gegeven hebt aan wat er leeft
en ademhaalt. De hemel en het land, het licht van deze dag, en ook wijzelf God,
zijn er dank zij U, die al van mensen houdt vóór zij geboren zijn. Wij noemen
U van harte onze God en Vader, die doet wat Gij zegt en ons in leven houdt, die
naar ons zoeken blijft tot Gij ons in den vreemde vindt, omwille van uw Zoon, de
eerste van ons allen. In stad en land, in mensen en machten, in levenden en
doden wordt Gij vermoed en uitgesproken, tot deze aarde zal zijn omgevormd tot
stad van vrede, het nieuwe Jeruzalem, waar alle leed geleden is en al ons kwaad
vergeten. Luister dan ook, als wij U zegenen God en zeggen (zingen)
zonder einde: Heilig
…
Heer
onze God, Gij zijt heilig en goed – en zó bekend met ons dat onze namen staan
geschreven in uw hand. Geen mens zult Gij vergeten dank zij Jezus Christus, uw
Zoon, die Gij hebt voortgebracht en uitgezonden hebt om tranen te drogen van
mensen die geslagen zijn, om het hart te helen van mensen die gebroken zijn, om
brood te worden voor vandaag en de vrede zelf te zijn. Wij danken U, dat Hij ons
ruimte geeft en vrijheid schept. Wij danken U, dat Hij de Naam geworden is voor
heel ons leven ten einde toe.
Heilig
deze gaven, met de dauw van uw heilige Geest, dat zij voor ons worden tot
Lichaam en X
Bloed van Jezus Christus onze Heer.
Want
in de nacht dat Hij zijn leven gaf, nam Hij brood in zijn handen –
Hij
zegende U, Hij brak het en gaf het aan zijn leerlingen met de woorden:
NEEMT
EN EET HIERVAN, GIJ ALLEN, WANT DIT IS MIJN LICHAAM DAT VOOR U GEGEVEN WORDT.
Ook
nam Hij de beker, zegende U weer, en gaf hem aan zijn leerlingen met de woorden:
NEEMT
DEZE BEKER EN DRINKT HIER ALLEN UIT, WANT DIT IS DE BEKER VAN HET NIEUWE
ALTIJDDURENDE VERBOND,
DIT
IS MIJN BLOED DAT VOOR U EN ALLE MENSEN WORDT VERGOTEN TOT VERGEVING VAN DE
ZONDEN.
BLIJFT
DIT DOEN OM MIJ TE GEDENKEN.
Verkondigen
wij het mysterie van het geloof.
Heer
Jezus, wij verkondigen uw dood
en
wij belijden tot Gij wederkeert,
dat
Gij verrezen zijt.
ofwel:
Als
wij dan eten van dit brood
en
drinken uit deze beker,
verkondigen
wij de dood des Heren,
totdat
Hij komt.
Heer
onze God, zo gedenken wij Hem die weet wat lijden is en die de dood heeft gezien
– die Gij hebt opgewekt en naam gegeven hebt hoog boven alle namen. Jezus de
Heer is Hij, Die Is En Blijven Zal, - uw rechterhand – en tot Hij komt
verkondigen wij Hem door deze levensbeker en door dit brood dat wordt gedeeld.
Wij
bidden U: zend dan uw Geest in ons, die over deze aarde gaat – en maak ons tot
een volk dat recht doet om gerechtigheid; maak leven en welzijn toch groter en
sterker dan oorlog en dood; en laat ons mensen zijn die woningen bouwen voor uw
stad van vrede; breek het geweld in ons en breng ons thuis bij U uit kracht van
Hem, de Mensenzoon hier in ons midden.
Bevestig
uw kerk, die in ballingschap is en maak haar één in liefde en geloof, tezamen
met uw dienaar N., onze paus, en met alle bisschoppen.
Samen
met heel uw volk, met Maria, altijd maagd, de moeder van de Heer, met de
apostelen, martelaren en al uw heiligen, vragen wij om uw barmhartigheid voor
levenden en doden, erkennen wij uw grootheid en brengen wij U onze dank.
Door
Hem en met Hem en in Hem zal uw Naam geprezen zijn, Heer onze God, almachtige
Vader, in de eenheid van de heilige Geest hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen.
Terug
naar de Gebedenindex
|