|
|
Eucharistisch
gebed 1
(Romeinse
Canon)
(zonder
vaste prefatie)
Wij
bidden U, genadige God, Vader van onze Heer Jezus Christus, wij smeken U door
Hem die is uw Zoon en onze Heer: dat Gij wilt aanvaarden en zegenen X deze gaven
hier, die wij U aanbieden; dat Gij zult heiligen dit brood en deze beker opdat
zij ten goede komen aan heel de kerk, die Gij geroepen hebt en uitverkoren
overal in deze wereld. Regeer uw kerk, Heer onze God, wees onze herder; breng
ons bijeen van heinde en ver en geef ons uw vrede. Dat vragen wij U in eenheid
met de bisschop van Rome, paus N. in eenheid met onze bisschop N., verenigd ook
met allen die, oprecht en trouw, uw woord bewaren en het geloof belijden van uw
apostelen overal in deze wereld.
Herinner
U de namen, Heer, van allen die U toebehoren N. en N. en van alle mensen die
hier voor U staan. Gij kent hun geloof, Gij weet dat zij U willen dienen. In
naam van hen die U het offer brengen van hun aanbidding en hun dankbaarheid, in
naam van allen smeken wij U: houd hen in leven, want op U hopen zij, bevrijd hun
hart en maak hen heilig. Gij, eeuwige en waarachtige, levende God.
Zo
bidden wij U met Maria, altijd maagd, die bij U verheerlijkt is, de moeder van
Jezus Christus, onze Heer en onze God, met de heilige Jozef † en met uw
apostelen en bloedgetuigen Petrus en Paulus, Andreas, (Jakobus, Johannes; met
Tomas, Jakobus, Filippus, Bartolomeüs, Matteüs, Simon en Taddeüs; met Linus
en Cletus, Clemens en Sixtus, met Cornelius, Cyprianus, Laurentius en
Chrysogonus, met Johannes en Paulus, Cosmas en Damianus,) en met al uw heiligen.
Om hunnentwil en op hun voorspraak vragen wij: wees onze toevlucht, waar wij ook
gaan, wees onze kracht door
Christus, onze Heer. Amen.
Veranderlijke
teksten:
Op
Kerstmis en gedurende het octaaf:
Wij
zegenen en aanbidden U, omdat op deze dag (in deze nacht)
de
maagd Maria de Verlosser heeft geschonken aan onze wereld,
en
wij smeken U, samen met haar, met de heilige Jozef †
Op
Openbaring des Heren:
Wij
zegenen en aanbidden U, omdat uw veelgeliefde Zoon,
die
eeuwig in uw heerlijkheid bestaat, mens geworden is als wij,
en
wij smeken U met Maria, altijd maagd, de moeder van uw Zoon, met de heilige
Jozef †
Vanaf
de Paaswake tot en met de tweede zondag van Pasen:
Wij
zegenen en aanbidden U, omdat op deze dag (in deze nacht)
Jezus
Christus uit de dood is opgestaan, en
wij smeken U, samen met Maria, altijd maagd, die bij U verheerlijkt is,
de moeder van Jezus Christus,
onze Heer en God, met de heilige Jozef †
Op
Hemelvaart van de Heer:
Wij
danken U dat Gij op deze dag uw veelgeliefde Zoon hebt opgenomen in uw
heerlijkheid en
dat Gij Hem als eerste van de mensen aan uw rechterhand verheven hebt, en
wij bidden U met Maria, altijd maagd, die bij U verheerlijkt is,
de
moeder van Jezus Christus, onze Heer en onze God, met de heilige Jozef †
Op
Pinksteren:
Wij
danken U dat Gij op deze dag tongen van vuur gegeven hebt aan uw apostelen,
dat Gij uw heilige Geest gezonden hebt, en
wij smeken U, samen met Maria, altijd maagd, die bij U verheerlijkt is, de
moeder van Jezus Christus, onze Heer en onze God, met de heilige Jozef †
Neem
deze gaven van ons aan, Heer God, waarin wij onszelf willen geven en
toevertrouwen aan U. Wij, die door U gekozen zijn om voor te gaan in deze dienst,
wij zijn met allen die in U geloven, uw volk, uw eigen bezit; beschik over ons
en voer ons van dag tot dag naar uw vrede; dat wij niet eeuwig verloren gaan,
maar bij uw uitverkorenen worden geteld. (Door Christus, onze Heer. Amen.)
Vanaf
de Paaswake tot en met de tweede zondag van Pasen:
Neem
deze gaven van ons aan, Heer God, waarin wij onszelf willen geven en
toevertrouwen aan U.
Mogen
zij vooral ten goede komen aan hen die dezer dagen herboren zijn uit water en
heilige Geest tot
vergeving van hun zonden; beschik over ons en voer ons van dag tot dag naar uw
vrede; dat wij
niet verloren gaan, maar bij uw uitverkorenen worden geteld.(Door Christus, onze
Heer. Amen.)
Ontvang
uit onze handen, Heer, dit brood en deze beker; bekrachtig en voltooi en zegen
deze gaven dat zij voor ons het Lichaam worden en het Bloed van Jezus Christus,
uw beminde Zoon.
Die
op de avond voor zijn lijden en dood het brood in zijn handen heeft genomen, en
zijn ogen opgeslagen heeft naar U, God, zijn almachtige Vader, de zegen
uitgesproken heeft, het brood gebroken en aan zijn leerlingen gegeven met de
woorden: NEEMT EN EET HIERVAN, GIJ ALLEN, WANT DIT IS MIJN LICHAAM, DAT VOOR U
GEGEVEN WORDT.
Zo
nam Hij ook, toen zij gegeten hadden, de beker in zijn handen, Hij sprak de
zegen en het dankgebed, reikte hem over aan zijn leerlingen en zei: NEEMT DEZE
BEKER EN DRINKT HIER ALLEN UIT, WANT DIT IS DE BEKER VAN HET NIEUWE
ALTIJDDURENDE VERBOND, DIT IS MIJN BLOED DAT VOOR U EN ALLE MENSEN WORDT
VERGOTEN TOT VERGEVING VAN DE ZONDEN.
BLIJFT
DIT DOEN OM MIJ TE GEDENKEN.
Verkondigen
wij het mysterie van het geloof.
Heer
Jezus, wij verkondigen uw dood
en
wij belijden tot Gij wederkeert,
dat
Gij verrezen zijt.
ofwel:
Als
wij dan eten van dit brood
en
drinken uit deze beker,
verkondigen
wij de dood des Heren,
totdat
Hij komt.
Daarom
gedenken wij, Heer, het lijden en de dood van Jezus Christus, uw Zoon, dat Hij
verrezen is, dat Hij is opgestegen naar de hemel. Tot uw dienst geroepen, tot uw
volk gemaakt, geven wij U wat Gij ons zelf in handen hebt gelegd: dit ongebroken,
vlekkeloze Lam, dit brood van eeuwig leven, en deze beker die onze redding is in
eeuwigheid.
Keer
U niet af, wees ons genadig, zoals Gij in genade hebt aanvaard het offer van uw
dienaar Abel en dat van Abraham die onze vader is, het heilig offer ook van
brood en wijn dat uw priester Melchisédek U heeft gebracht.
Zend
dan uw engel, machtige God, om deze gaven en gebeden op te dragen naar het
altaar van uw heerlijkheid; wij bidden U, dat wij die de gemeenschap vieren van
deze tafel en delen in het Lichaam van uw Zoon en in zijn Bloed, van U gezegend
zullen zijn vol van genade. (Door Christus, onze Heer. Amen.)
Herinner
U de namen, Heer, van onze broeders en zusters N. en N., die ons in de dood zijn
voorgegaan, getekend met het geloof. Dat zij, en allen die in Christus zijn
ontslapen, in vrede mogen rusten en binnengaan in uw land, verlicht en vertroost.
(Door Christus, onze Heer. Amen).
Wij
zijn van U, met al ons kwaad, op uw barmhartigheid hopen wij. Neem ons op in de
gemeenschap van uw heiligen, van uw apostelen en bloedgetuigen Johannes,
Stefanus, Mattias, Barnabas, (Ignatius, Alexander, Marcellinus, Petrus,
Felicitas en Perpetua, Agatha en Lucia, Agnes, Cecilia en Anastasia), en van al
die anderen die reeds door U verheerlijkt zijn. Behandel ons niet zoals wij
verdienen, maar schenk ons vergeving - opdat wij mogen delen in hun geluk. Door
Jezus Christus, onze Heer. In Hem hebt Gij al wat bestaat geschapen en gezegend,
in Hem ontvangen wij al uw genade, Hij is ons leven.
Door
Hem en met Hem en in Hem zal uw Naam geprezen zijn, Heer onze God, almachtige
Vader, in de eenheid van de heilige Geest hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen.
Terug
naar de Gebedenindex
|
|
|