
De verschijningen van de Heilige
Maagd aan de drie herderskinderen: Lucia, Jacintha en Francesco.
Wat vooraf ging
De zes verschijningen van Maria te Fatima, aan Lucia 10 jaar, Jacintha 7 jaar en Francesco
9 jaar, begonnen met inleidende verschijningen van een Engel reeds in 1915. Lucia is dan
samen met drie vriendinnetjes en zij zien boven de bomen een witte verschijning zweven als
van sneeuw, doorzichtig wit. In de zomer van 1916, als zij met Jacintha en Francesco is,
komt de verschijning dichterbij. De Engel is als een jongeling van 14 á 15 jaar en hij
zegt: "Weest niet bevreesd! Ik ben de Engel van de Vrede! Bidt met mij mee".
Daarna knielde hij neer en boog met zijn voorhoofd tot op de grond. Hij liet hen driemaal
het volgende gebed herhalen: "Mijn God, ik geloof in U, ik aanbid U, ik hoop op U, ik
bemin U. Ik vraag om vergeving voor hen, die niet in U geloven, U niet aanbidden, niet op
U hopen, U niet beminnen". Hierna zei hij terwijl hij weer rechtop ging staan:
"Zo moeten jullie bidden!
Een poos later, in 1916 verscheen
hij een tweede maal en zei: "Wat doen jullie? Bidt, bidt veel! Biedt de
Allerhoogste voortdurend gebeden en offers aan" "Hoe moeten wij offers
brengen?" vroeg Lucie. "Je kunt van alles een offer maken als daad van
eerherstel voor zonden, en om voor bekering van de zondaars te smeken. Zo kun je voor
jullie vaderland vrede krijgen. Ik ben er de engelbewaarder van. En weer in 1916
verscheen de Engel voor de derde en laatste maal. De kinderen waren aan het bidden zoals
de Engel, op de knieën met het voorhoofd op de grond. Zij baden het gebed van de
Engel: "Mijn God, ik geloof in U, etc." Dan merken zij, hoe er een onbekend
licht over hen schijnt en zij richten zich op om te zien wat er gebeurd, toen zagen zij de
Engel. in de linkerhand hield hij een kelk, daarboven zweefde een Hostie, waaruit enkele
druppels bloed in de kelk vielen. De Engel liet de kelk in de lucht zweven, knielde bij de
kinderen neer en liet hen driemaal herhalen: "Allerheiligste Drieëenheid, Vader,
Zoon en Heilige Geest, ik offer U op het kostbaar Lichaam en Bloed, Ziel en Godheid van
Jezus Christus onze Heer, vertegenwoordigd in alle heilige Tabernakels van de wereld, tot
eerherstel van alle beledigingen, heiligschennissen en onverschilligheden waardoor hijzelf
beledigd wordt. Door de oneindige verdiensten van het Heilig Hart van Jezus en het
Onbevlekte Hart van Maria, bid ik om de bekering van onze zondaars". Daarna pakte hij
de kelk weer, gaf de H. Hostie aan Lucia en verdeelde het Kostbaar Bloed onder Jacinta en
Francesco, terwijl hij zei: "Ontvangt het Lichaam en drinkt het Bloed van Jezus
Christus onze Heer, die door de ondankbare mensen zozeer beledigd wordt. Brengt eerherstel
voor de zonden en troost uw God". Hij knielde opnieuw en herhaalde met de kinderen
nog driemaal: "Allerheiligste Drieëenheid, Vader, Zoon en Heilige Geest, ik
offer...". Daarna verdween hij in het niets.
Na de verschijning van de Engel,
bleven de kinderen lange tijd in de bovennatuurlijke sfeer en konden moeilijk weer tot
zichzelf komen. Zelfs de volgende dag was hun geest nog in die bovennatuurlijke sfeer
gehuld, die langzaam verdween.
Op 13 mei 1917 is dan de eerste
verschijning van O.L. Vrouwe. zij waren toen aan het spelen en bouwden een muurtje, toen
zij plotseling een bliksemschicht zagen.
De verschijningen
Zij dachten dat er een onweer op komst was en dreven de kudde schapen bijeen, om naar huis
te gaan. Toen zagen zij de bliksem en kort daarop zien zij boven een Eikenboom, een mooie
Dame geheel in het wit en helderder dan de Zon. Zij stonden zo dichtbij, dat zij binnen
dit licht stonden. De mooie Dame zei: "Wees niet bang, Ik doe jullie geen
kwaad". Lucie vroeg: "waar komt U vandaan?" "Ik kom van de Hemel"
"En wat wilt U van mij?" Het is steeds Lucie die in naam van de drie
spreekt. De Heilige Maagd antwoordt: "Ik kom jullie vragen, dat jullie
achtereenvolgend, zes maanden telkens op de dertiende, op hetzelfde uur hier terugkomen.
Dan zal Ik zeggen wie Ik ben en wat Ik wil. Daarna zal Ik nog een zevende keer hier
terugkomen". "Kom ik ook in de Hemel?" "Jawel!" "En
Jacinta?" "Ook". "En Francesco?" "Ook, maar hij moet
dan eerst nog veel rozenhoedjes bidden".
Dan vroeg Lucie naar twee meisjes,
die kort geleden gestorven waren, de èèn 16 de ander 20 jaar oud en zij vroeg, of die al
in de Hemel waren. De eerste wel, de ander niet. Zo was de eerste kennismaking, toen ging
Maria over op haar onderwerp. "Willen jullie je aan God aanbieden om al het lijden te
verdragen, dat Hij jullie zal overzenden om daardoor eerherstel te brengen, voor de zonden
waardoor Hij beledigd wordt en als een verzoek tot bekering van de zondaars?"
"Ja, dat willen wij!"
"Jullie zullen dus veel te
lijden krijgen, maar de genade van God zal jullie moed geven!" Toen zij de woorden:
de genade van God zei, opende zij haar handen. Uit haar handen kwam zon sterk licht,
dat diep in ons drong, tot in de diepte van onze ziel, zo liet zij ons onszelf in God
zien, die dit licht was. Wij zagen onszelf duidelijker dan in de beste spiegel; aldus
Lucie. Door een innerlijke drang, die ons meegedeeld werd, vielen wij op de knieën en
herhaalden: "0, Allerheiligste Drieëenheid, ik aanbid U; mijn God, mijn God, ik
bemin U in het Allerheiligste Sacrament". Na enkele ogenblikken zei 0.L. Vrouwe:
"Bidt dagelijks de rozenkrans, om de vrede voor de wereld en het einde van de oorlog
te verkrijgen!" Hierna verdween zij langzaam in Oostelijke richting.
13 juni 1917, Lucie, Jacinta en
Francesco met nog enkele aanwezigen bidden eerst de rozenkrans. Daarna zien de kinderen
het licht en dan de Heilige Maagd boven de eikeboom, precies zoals in mei. Lucie vraagt
weer: "wat wilt U van mij?" "Ik wens, dat jullie de dertiende van de
komende maanden hier terugkomt; dat jullie iedere dag de rozenkrans bidt en leert lezen.
Later zeg Ik jullie wat Ik graag zou willen hebben". Daarna vroeg Lucie om de
genezing van een zieke. "Als hij zich bekeert, zal hij dit jaar gezond worden".
Dan vroeg Lucie de Heilige Maagd om hen alle drie mee naar de Hemel te nemen. "Ja,
Jacinta en Francesco zal ik spoedig komen halen. Jij zult hier echter nog een tijd
blijven. Jezus wil zich van jou bedienen, opdat de mensen mij kennen en beminnen.
"Blijf ik hier alleen?" vroeg Lucie treurig. "Nee, mijn kind! Heb je veel
te lijden?
Laat je niet ontmoedigen. Nooit zal ik je verlaten, Mijn Onbevlekt Hart zal je toevlucht
zijn en de weg die je naar God zal voeren". Bij deze laatste woorden opende de
Heilige Maagd weer de handen en deelde hun weer dat onmetelijke licht mee, waardoor zij
zich in God verzonken voelden. Jacinta en Francesco schenen in het licht te staan, dat
zich ten hemel hief, Lucie in het deel dat zich over de aarde uitstortte. Voor de
rechterhandvlakte van 0.L. Vrouwe was een hart, met doornen omgeven die het doorboorden.
De kinderen begrepen, dat dit het Onbevlekt Hart van Maria was.
Het geheim
13 juli 1917, bij de derde verschijning is er al een behoorlijke volksmassa op de been.
Zij bidden gezamenlijk de rozenkrans en spoedig nemen de kinderen de lichtstraal waar en
kort daarop 0.L. Vrouwe. "Wat wilt U van mij?" vroeg Lucie zoals
gewoonlijk en ook het antwoord weer: "Ik wens, dat jullie de dertiende van de komende
maanden weer hierheen komt; dat jullie doorgaan met iedere dag de Rozenkrans te bidden ter
ere van 0.L. Vrouwe van de Rozenkrans, om de vrede voor de wereld en het einde van de
oorlog te verkrijgen, want Zij alleen kan dit verkrijgen". "Ik zou U willen
vragen wie U bent en een wonder te willen doen, opdat de mensen geloven dat U aan ons
verschijnt". Lucie komt verder nog met enkele vragen voor de dag, die men haar had
opgelegd, zoals genezingen. O.L. Vrouwe antwoordde, dat men de Rozenkrans moest bidden, om
die genaden gedurende het jaar te ontvangen. "Offer jezelf op voor de zondaars en zeg
dikwijls, vooral als je een offer brengt: "0 Jezus, dit doe ik uit liefde tot U, voor
de bekering van de zondaars en om eerherstel te brengen voor de zonden tegen het Onbevlekt
Hart van Maria". Bij deze laatste woorden opende zij opnieuw de handen, zoals in de
twee vorige maanden. Het was alsof de straal de aarde binnendrong en wij zagen
tegelijkertijd een meer van vuur en in dat meer de duivels en de zielen, alsof zij zwart
waren als gloeiende kolen. De vlammen kwamen als wolken van rook uit zichzelf te
voorschijn. Zij vielen naar alle kanten als vonken, bij een geweldige brand. Zij schenen
gewichtloos. Zij huilden van smart en vertwijfeling. De duivels hadden een akelige
weerzinwekkende gestalte van onbekende dieren. Zij waren ook als zwarte gloeiende kolen.
De kinderen waren zeer geschrokken en keken als om hulp naar O.L. Vrouwe. Zij zei:
"Jullie hebben de hel gezien, waar de zielen van de arme zondaars komen. Om hen te
redden, wil God de devotie tot Mijn Onbevlekt Hart in de wereld vestigen.
Als men doet wat Ik jullie zeg, zullen er velen gered worden en zal er vrede zijn. De
oorlog loopt ten einde; als men niet ophoudt God te beledigen, zal er onder het
pontificaat van Pius XI, een ergere oorlog beginnen. Als je op zekere nacht een onbekend
licht zult zien, weet dan dat dit een teken is dat God u geeft, dat hij de wereld voor
haar misdaden zal straffen met oorlog, hongersnood, vervolging van de Heilige Kerk en de
Heilige Vader. Om dit te voorkomen kom ik vragen, om Rusland aan Mijn Onbevlekt Hart toe
te wijden en op de eerste zaterdagen van de maand een eerherstellende Communie te doen.
Als men acht slaat op mijn verzoek, zal Rusland zich bekeren en zal er vrede zijn, doet
men het niet, dan zal Rusland haar valse leer over de wereld verspreiden, oorlog en
vervolging van de Kerk zal het onherroepelijke gevolg zijn. De goeden zullen gemarteld
worden en de Heilige Vader zal veel te lijden krijgen. Verschillende naties zullen van de
aardbodem worden weggevaagd; tenslotte zal Mijn Onbevlekt Hart triomferen. De Heilige
Vader zal mij Rusland toewijden, dit zal zich bekeren en de wereld zal een tijd van vrede
ontvangen.
In Portugal zal men het geloof
behouden. Vertel dit aan niemand, alleen Francesco kun je het mededelen. Als je de
Rozenkrans bidt, zeg dan na ieder tientje: "0 Mijn Jezus, vergeef ons onze zonden,
behoedt ons voor het vuur van de hel, breng alle zielen naar de Hemel, vooral hen die Uw
barmhartigheid het meest nodig hebben". Hierna bleef het even stil. Dan vroeg Lucie:
"Verlangt U verder niets meer van mij?" "Nee, verder verlang ik nu niets
van je". Dan verdween Zij weer in Oostelijke richting in de oneindige verte van het
firmament.
De 13e augustus 1917 zitten de
kinderen in Ourem in de gevangenis. Vooral Jacinta offert tussen haar tranen door, alles
op voor de bekering van de zondaars. De tijd van de verschijning gaat voorbij, de
twintigduizend mensen zien de zon verbleken, de lucht wordt half donker en men ziet zelfs
sterren flonkeren, midden op de dag! Om de eikenboom zweefde tien minuten lang een wolk.
Op 19 augustus verschijnt Maria dan
in een streek, die men de Valinhos noemt, ook weer boven een eikenboom. Lucie zegt weer:
"Wat wenst U van mij?" Het antwoord: "ik wil, dat jullie de dertiende naar
de Cova da Iria komen en dat jullie doorgaan met de Rozenkrans te bidden, bij de laatste
keer zal ik een wonder doen, opdat allen geloven". "Wat moeten wij met het geld
doen, dat de mensen in de Cova da Iria achterlaten?" "Het geld is voor het feest
van 0.L. Vrouwe van de Rozenkrans bestemd, de rest is voor de Kapel die men zal
bouwen". Lucie vroeg haar enkele zieken te genezen, Maria antwoordde: "Ja, in de
loop van het jaar zal ik enkelen gezond maken. Bid, bid veel en brengt offers voor de
zondaars, want vele zielen komen in de hel, omdat niemand zich voor hen opoffert en voor
hen bidt". Zij verhief Zich weer in Oostelijke richting.
13 september 1917. Er gingen
geruchten dat God op deze dag iets buitengewoons zou verrichten en Lucia's moeder, die
haar kind vaak sloeg, omdat zij dacht dat het leugens waren, had op deze dag haar hoop
gevestigd. Er gebeurde echter niets, waaruit bleek, dat de dingen aangaande de
verschijningen, duidelijker werden. Lucias moeder verloor hierdoor weer de moed en
het lijden van Lucia thuis nam toe.
Lucie droeg het lijden op, zoals het haar door Maria geleerd was: "0 mijn Jezus, het
is voor Uw liefde en om eerherstel te brengen aan het Onbevlekt Hart van Maria en voor de
bekering van de arme zondaars". Maria zegt: "God is met jullie offers tevreden,
maar hij wil niet dat jullie de gordels s nachts dragen, alleen overdag".
13 oktober 1917. Omdat voor deze
verschijning het grote wonder door Maria was aangekondigd, waren er 70.000 mensen, die al
de avond tevoren gekomen waren, ondanks het slechte weer. Zij hadden de nacht in de open
lucht doorgebracht. Nu maakt de Heilige Maagd Zich bekend als: "O.L. Vrouwe van de
Rozenkrans". "Ik ben gekomen, om de mensen aan te sporen van leven te veranderen
en God niet meer door de zonden te beledigen, daar Hij al zozeer beledigd is. Dat zij de
Rozenkrans bidden en boete doen voor hun zonden. Op deze plaats verlang ik een Kapel. Als
de mensen zich bekeren, zal er vrede op aarde komen". Hierbij opende zij weer de
handen en liet ze in de zon stralen; terwijl zij zich verhief straalde haar eigen licht
terug van de zon, de zon weerkaatste het. Daarom riep Lucie, dat de mensen naar de zon
moesten kijken. Als O.L. Vrouwe dan in de oneindige verte verdwenen was, verscheen naast
de zon de Heilige Jozef met het Kindje Jezus en Maria in het wit, met een blauwe mantel
om. De Heilige Jozef zegende de wereld met een handbeweging in de vorm van een kruis. Ook
deze verschijning verdween. Daarop verscheen 0.L. Heer en O.L. Vrouw (van Smarten). O.L.
Heer scheen de wereld te zegenen, op dezelfde wijze als de Heilige Jozef had gedaan. Toen
deze verschijning verdwenen was, kwam Maria als O.L. Vrouwe van Carmel terug.
En zo voor een derde maal, maar toen maakte de zon zich los van de hemel en kwam zig-zag
gewijs naar beneden. Ze werd groter en groter en scheen de mensen te gaan verpletteren. De
mensen werden bang en vielen op de grond, terwijl zij smeekten om barmhartigheid en
vergeving, men bad... Hierna werd alles weer normaal en de mensen, die in hun angst allen
in de modder waren neergeknield, bemerkten dat zij totaal niet vuil waren. Nu stortten de
mensen zich op de kinderen, die met vragen werden bestookt. Dit ging zo door tot diep in
de nacht, men liet de kinderen tenslotte toch met rust, om de volgende dag weer verder te
gaan. Zij droegen dit alles op voor de zondaars. Daarna begonnen de verhoren en
zoals altijd wilde men de kinderen de geheimen ontfutselen, die Maria hun gegeven had.
Maar dit is niemand gelukt; zelfs de kleine Jacinta zei: "liever te sterven".
Jacinta is ook spoedig gestorven nl. op 20 febr. 1920. Zij stierf heel alleen, in een
ziekenhuis in Lissabon, zoals Maria haar eerder voorspeld had. Francesco was al een
jaar eerder gestorven, op 4 april 1919. Zoals men weet leeft Lucia nog, Maria had immers
gezegd dat zij wat langer zou moeten blijven leven, omdat God haar tot werktuig had
gekozen, om Maria bekend en bemind te maken en de devotie tot Haar Onbevlekt Hart in de
wereld te vestigen.
Het is op 10 dec. 1925 te
Pontevedra, dat de Heilige Maagd haar verschijnt en naast haar een kind in een lichtende
wolk. Het Kind zei: "Heb medelijden met het Hart van uw Heilige Moeder, het is met
doornen omgeven, waarmede de ondankbare mensen het alsmaar doorboren, zonder dat iemand
deze er uittrekt door een akte van eerherstel te doen". Daarop zei de Heilige Maagd:
"Mijn dochter, zie mijn Hart omgeven van doornen, waarmede de ondankbare mensen het
alsmaar doorboren, met hun laster en ondankbaarheden. Probeer jij tenminste mij te
troosten en maak bekend, dat Ik beloof al degenen in hun stervensuur met de genaden, die
voor het Heil van hun zielen nodig is, bij te staan, die vijf maanden achterelkaar op de
eerste zaterdag: biechten, de H. Communie ontvangen, een rozenkrans bidden en mij
gedurende 15 minuten gezelschap houden met het overwegen van de 15 geheimen van de
rozenkrans en dit alles met de bedoeling mij hierdoor eerherstel te brengen".
Op 15 febr. 1926 verschijnt het
Kindje Jezus weer en vraagt of zij dit al bekend gemaakt heeft. Lucia legt Hem de bezwaren
voor, die haar Biechtvader heeft en zij zegt Hem tevens, dat Moeder Overste wél bereid is
dit te verbreiden, maar dat haar Biechtvader zegt, dat Moeder Overste alleen niets kan.
Jezus antwoordt: "Het is waar, dat de Overste alleen niets kan, maar met mijn genade
kan zij alles". Lucia legt Hem ook de moeilijkheden voor, die sommigen hebben met op
zaterdag te moeten biechten en zij vraagt of dat gedurende acht dagen mag. Jezus
antwoordt: "Ja, het mag zelfs nog langer, voorop gezet, dat zij in staat van genade
zijn, als zij Mij ontvangen en dat zij de bedoeling hebben, eerherstel te brengen aan het
Onbeviekt Hart van Maria". Zoals Maria verschillende malen tijdens haar ziekte,
nog aan Jacinta is verschenen, zó is ook Lucia bevoorrecht, al weten wij niet
alles, omdat Lucia natuurlijk alleen doorgeeft, wat Maria uitdrukkelijk vraagt. Het is
tijdens de drie jaar, dat zij Pater Gonçalves als biechtvader heeft, omdat zij elkaar
goed begrijpen, dat Maria haar zegt, dat het ogenblik gekomen is waarop de Heilige Kerk
haar wens betreffende de toewijding van Rusland en de belofte het te zullen bekeren, moet
worden meegedeeld. Haar biechtvader geeft haar de opdracht, neer te schrijven, wat O.L.
Vrouwe verlangt.
Tuy, Spanje, 13 juni 1919. Van Mijn Overste en mijn biechtvader had ik toestemming
gekregen, om van donderdag op vrijdag van 11 uur tot middernacht, het H. Uur te houden. Op
zekere nacht, ik was alleen en bad in het midden van de kapel geknield, het gebed van de
Engel toen ik mij oprichtte omdat ik moe geworden was en verder bad met uitgestrekte
armen. Alleen de Godslamp brandde. Plotseling was de hele kapel in een bovennatuurlijk
licht gehuld en op het altaar verscheen een Kruis van Licht, dat tot op de altaardwaal
reikte. In een helderder licht was in het bovenste gedeelte van het Kruis, het Aangezicht
en het bovenlichaam van een Mens, voor de borst een Duif ook van Licht en aan het Kruis
genageld het Lichaam van een ander Mens. Even onder de taille zweefde de kelk, waarboven
een grote Hostie, hierop vielen enige druppels bloed, die van het Aanschijn van de
Gekruisigde en uit de Borstwond liepen. Deze druppels gleden van de Hostie in de kelk.
Onder de rechterarm van het Kruis stond O.L. Vrouw van Fatima met Haar Onbevlekt Hart in
de linkerhand, zonder zwaard en rozen, doch met doornenkroon en vlammen. Onder
de
linkerarm van het Kruis vormden enkele grote letters als waren zij van kristalhelder
water, dat naar het altaar toeliep, de woorden:
"GENADE EN BARMHARTIGHEID"
Hierbij ontving ik verlichtingen over het geheim van de Allerheilligste Drieëenheid,
welke ik niet mag openbaren. Aansluitend zei O.L. Vrouw mij: "Het ogenblik is
gekomen, waarop God de Heilige Vader in vereniging met alle Bisschoppen van de wereld
uitnodigt, de toewijding van Rusland aan Mijn Onbevlekt Hart te voltrekken; Hij belooft
het door dit middel te redden. Zo vele zielen worden door de Gerechtigheid-Gods verdoemd,
vanwege de zonden tegen Mij begaan, zodat Ik om eerherstel kom vragen: offer jezelf tot
deze intentie en bid"
"MARIA WORDT DOOR GOD IN DE HEMEL OPGENOMEN MARIA WORDT
DOOR GOD IN DE HEMEL GEKROOND!"
ONZE VADER DIE IN DE HEMEL ZIJT ... UW WIL GESCHIEDE OP AARDE, ZOALS IN DE HEMEL... '
Het derde geheim van Fatima werd
opgetekend door zuster Lucia en verzegeld bewaard in het archief van het
Vaticaan. Van het origineel werden fiches gemaakt. Het publiceren van
het derde geheim heeft jaren op zich laten wachten.
Diverse pausen
lieten de verzegelde enveloppen uit het archief halen maar besloten toch
om het geheim nog niet openbaar te maken. Lucia verklaarde dat zij zelf
geen idee had welke paus het derde geheim zou moeten openbaren.
Paus Johannes
Paulus II werd bij een aanslag zwaar gewond en overleefde deze aanslag
op wonderbaarlijke wijze. De paus meent dat de hand van Maria ervoor
heeft gezorgd dat hij deze aanslag te boven is gekomen. De kogel die
werd afgevuurd is nadien naar Fatima gestuurd en in de kroon van het
genadebeeld bijgezet.
Kort voor de
zaligverklaring van Francesco (13
mei 2000)en Jacinta heeft de paus de verzegelde enveloppe met het
derde geheim uit het archief laten halen.
Op 19 april 2000
werd het 3e geheim gepubliceerd. Hier de vertaling van de tekst.
Na de twee delen die ik reeds heb
op geschreven, hebben wij links van Onze Lieve Vrouw iets hoger een engel gezien die een vurig zwaard in de
linkerhand hield. Vonken vlogen eraf en vlammen sloegen eruit, alsof die de wereld in brand moesten steken. De vlammen doofden echter uit,
toen zij met de bundels licht in aan- raking kwamen, die Onze Lieve Vrouw vanuit haar rechterhand op de vlammen liet stralen. De engel die
met de rechterhand op de aarde wees, riep met luide stem: ‘Boete, boete, boete!’ En wij zagen in een buitengewoon licht dat God is: - iets wat
er uitziet als mensen in een spiegel, wanneer zij daar langs lopen - een in het wit geklede bisschop - wij dachten dat het de
Hei lige Vader was - verschillende andere bisschop pen, priesters, broeders en zusters
een steile berg opklimmen, waar zich op de top een groot kruis bevond uit ruwe stammen als van
kurk eiken met schors. Alvorens daar aan te
komen, ging de Heilige Vader door een grote stad, die voor de helft verwoest was. Half bevend met wankele tred, door smart en zorg
neergeslagen, bad hij voor de zielen van de lijken, die hij op zijn weg ontmoette. Boven op de berg aangekomen, knielde hij neer aan de voet van het grote kruis. Daar werd hij door een groep soldaten, die met vuur
wapens en met pijlen op hem schoten, gedood. Precies zo stierven een voor
een de bisschoppen, priesters, broeders en zusters en verschillende leken,
mannen en vrou- wen, van verschillende klassen en posities. Onder de beide
armen van het kruis stonden twee engelen, ieder met een kristallen
schenk kan in de hand. Daarin verzamelden zij het bloed van de martelaren en goten het
over de zielen, die op weg waren naar God."
Bron: Vaticaan
(met dank aan Marc voor de vertaling van het derde geheim)