|














|

Wie was Bernadette Soubirous
Een ziek en zwak meisje uitverkoren
om Maria te mogen aanschouwen.
Bernadette, werd op 7 januari 1844 in Lourdes, niet ver van de Spaanse grens geboren. Zij
was steeds ziek(astmatisch) en groeide in bittere armoede op in de oude Boly molen. Reeds
van kindsbeen af vertoonde Bernadette een bijzondere vroomheid.
Op 11 februari 1858, ze was pas veertien, was ze met andere meisjes hout aan het
sprokkelen bij de rivier de Gave. Het astmatische meisje moest bij de snellere meisjes
achterblijven toen zich plotseling een geruis opstak. Bernadette schrok hevig en zag
opeens, op enige meters van haar verwijderd, in de grot van Massabielle, de struiken hevig
bewegen. Een vrouwengestalte van grote schoonheid in een lang wit kleed en in de handen
een rozenkrans verscheen in een goudschijnende wolk. De "Dame", zolas Bernadette
de vouw steeds noemde maakte zich bekend als Maria, de Onbevlekte Ontvangenis. Maria
verscheen tussen 11 februari en 16 juli achttien keer. Paus Pius IX had reeds in het jaar
1854 het dogma afgekondigd dat Maria "de Onbevlekte Ontvangene" was. Bernadette
kon dit echter nooit geweten hebben. In de maanden die volgen werd het meisje bespot en
belachelijk gemaakt en haar ouders begrepen hun dochter niet.Telkens weer wed zij door de
prefect en dorpspastoor ondervraagd. Vaak kwam dit omdat Bernadette de Dame niet begreep.
Maria vraagt ook aan Bernadette bij de grot een kerk te bouwen en processies te houden
naar die plaats terwijl men de rozenkrans bidt. Bernadette leeft in deze periode onder
zeer moeilijke omstandigheden. (ziekte en onbegrip).
Pas toen de eerste wonderen gebeurden zag de pastoor het bijzondere van deze gebeurtenis
in. De bisschop van Tarbes stelt een onderzoek in naar het gebeurde en verklaart vier jaar
later dat de verschijningen een bovennatuurlijk karakter dragen. Na de laatste
verschijning op 16 juli, leefde Bernadette weer als een normaal meisje en probeerde een
gewoon leven te leiden.
Door de stroom pelgrims die het dorpje kwamen bezoeken, besloot zij in Nevers in het
klooster te gaan. Binnen de kloostermuren mocht zij echter geen woord spreken over hetgeen
in Lourdes gebeurd was.
"Wat doe je met een bezem als je hem niet meer nodig hebt?" Vroeg zij aan een
medezuster. Deze antwoordde haar: "dan zet je hem achter de deur!" Juist zei
Bernadette,"ik ben de bezem". Voor haar dienstwerk had Maria dit kleine meisje
uitgekozen om gehoor te geven aan haar oproep. De mensen bleven naar Lourdes komen en
zochten er troost en bekering. De taak van Bernadette was vervuld. Op haar sterfbed, op 16
april 1879, bad zij; "heilige Maria, moeder van God, bidt voor mij arme
zondares". Zij zag voordat zij stierf nog een keer die mooie Dame en sliep op 35
jarige leeftijd in. Paus Pius XI(1922-1939) heeft Bernadette op 8 december 1933 heilig
verklaard.
|